Kwallen en kwalia: een zinnig bijdrage aan de theorie van de geest? Searle acht voor bewustzijn bepaalde "causale vermogens" benodigd, die dan aanleiding geven tot werkelijke, originele intentionaliteit. Nochtans heeft zulk een theorie iets van een elan vital, dat levende van levenloze materie zou scheiden, ofwel de veronderstelde ether, die het medium voor electromagnetische golven zou vormen. Beide veronderstellingen zijn door de wetenschap volledig in diskrediet gebracht, mijn intuitie zegt dat dit ook voor Searle's vorm van intentionaliteit zou kunnen gelden. Chalmers neemt een andere positie in. Hij erkent dat neuronen wel degelijk te modelleren zijn, en acht het niet onmogelijk dat het op een dag mogelijk zal zijn om een kunstmatig bewustzijn te ontwikkelen. Hij stelt echter dat een werkelijk begrip van bewustzijn veel moeilijker zal zijn, dit vormt dan ook "the hard problem of consciousness." Om dit te illustreren komt hij met de term ``kwalia'' (Engels: qualia). Dit doet mij denken aan een mogelijk cognaat: kwallen --- vormeloze, slijmerige en giftige beesten, die zich vaak onverwachts tot het bewustzijn wenden in de vorm van een fenomenale pijnervaring. Ikzelf ben skeptisch over zulk een notie. Vooral wanneer Chalmers stelt dat deze kwalia geen enkele causale vermogens zullen hebben, aangezien dat een probleem voor materialisme zou vormen. Waarom zouden ze dan veronderstelt worden? Wat verklaren ze dan? Aangezien het niet mogelijik is om na te gaan of deze kwalia van persoon tot persoon gelijk zijn bestaan er misschien helemaal geen universele kwalia --- of ze bestaan helemaal niet!